Gecombineerde Opgave 2026 uitgebreider door extra Europese vragen

Door het invullen van de Gecombineerde Opgave (GO), die op 1 maart opent, voldoen Nederlandse boeren aan verschillende wettelijke verplichtingen, zoals de landbouwtelling en onderdelen van de mestwetgeving. Daarnaast is het via de GO mogelijk om subsidies binnen het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB) aan te vragen.
De belangrijkste wijziging van de GO is dat 2026 een zogenoemd Integrated Farm Statistics-jaar (IFS) is. Dat betekent dat Nederland in dat jaar extra gegevens moet aanleveren voor de Europese landbouwtelling. Het gaat daarbij onder meer om vragen over mestopslagcapaciteit, huisvesting en stalsystemen, beregening, bedrijfsopvolging, verbrede landbouwactiviteiten en rechtstreekse verkoop aan consumenten. Deze gegevens worden gebruikt voor statistiek, beleidsmonitoring en uitvoering van bestaande regelgeving op Europees niveau.
Indieningstermijn Gecombineerde Opgave 2026
Ook de indieningstermijn wijzigt. Waar de opgave in 2025 uiterlijk op 15 mei moest zijn ingediend, loopt de periode in 2026 tot en met 18 mei. Die verlenging houdt verband met het feit dat 15 mei 2026 de dag na Hemelvaartsdag is en gelijk staat aan een feestdag. Om die reden is ook de aanvraagtermijn voor de GLB-betalingen formeel aangepast. Dat geldt ook voor de aanvraag van stikstofdifferentiatie die eveneens tot en met 18 mei kan worden aangevraagd.
RVO benadrukt dat 15 mei wel leidend is als peildatum voor actieve landbouwers. De uitvoeringsorganisatie adviseert boeren ook om niet te wachten tot 18 mei met het invullen van de GO om wachttijden en technische drukte te voorkomen.
Vragen over percelen en mest
Voor veehouders en akkerbouwers blijft de kern van de GO grotendeels gelijk. De vragen over perceelgebruik, gewassen, mestverwerking, diercategorieën en huisvesting blijven onderdeel van het formulier.
Grondbezitters kunnen ook dit jaar aangeven of ze gebruik willen maken van de zogenoemde fosfaatdifferentiatie. Willen ze daaraan meedoen, dan moet de fosfaattoestand van de grond worden gemeten. Op basis daarvan weet de landbouwer hoeveel fosfaat hij mag gebruiken. Nieuw dit jaar is dat wie aangeeft hiervan geen gebruik te willen maken, deze vraag niet meer per perceel krijgt.
Binnen de veehouderij wordt opnieuw gedetailleerd gevraagd naar staltypen, aanvullende technieken en, afhankelijk van de sector, naar onder meer diervoer, biologische productie en weidegang. Ook de mestopslag van veehouders vormt dit jaar een onderdeel van de GO.
RVO wil onder andere de opslagcapaciteit van augustus 2024 tot en met februari 2025 weten. Daarnaast wordt gevraagd waar de mest wordt opgeslagen (in de stal of buiten de stal) en voor hoeveel maanden er opslag aanwezig is op het bedrijf. Daarmee wil Europa inzicht krijgen in de beschikbare mestopslagcapaciteit in Nederland.
Aandacht voor verbreding
Dit jaar stelt RVO via de GO vragen over de economisch verbreding van agrarische bedrijven. De uitgebreide vragen over nevenactiviteiten, verwerking en verkoop zijn onderdeel van de bredere Europese gegevensverzameling en moeten inzicht geven in de mate waarin bedrijven zoals boerderijwinkel, recreatieve activiteiten of zorglandbouw hun inkomsten halen uit activiteiten naast de primaire productie. Deze gegevens zijn bedoeld om op zowel nationaal niveau (voor het CBS) als op Europees niveau inzicht te geven in de trends op het gebied van verbrede landbouwactiviteiten.
De eco-regelingen kennen dit jaar geen nieuwe activiteiten. Wel zijn enkele waarden aangepast, onder meer voor stikstof in gewassen. Dat gebeurt na een periodieke herberekening van de vergoedingen. Deze zijn gebaseerd op de extra kosten en opbrengstderving ten opzichte van hoogsalderende gewassen. De herberekening was eerder al uitgevoerd, maar wordt nu doorgevoerd.
Daarnaast is de EU-norm voor de toegestane daling van blijvend grasland verruimd van 5 naar 10 procent.
Technische wijzigingen en voorbereiding
Tot slot is de regeling technisch aangepast aan gewijzigde wet- en regelgeving. Zo wordt in 2026 verwezen naar de vernieuwde naam van de subsidieregeling waarin onder meer de brede weersverzekering en sectorale interventies zijn ondergebracht. Inhoudelijk verandert daar voor aanvragers weinig, maar de benaming in de regeling is geactualiseerd.
RVO adviseert ondernemers om zich goed voor te bereiden op de opgave. Zo is het raadzaam vooraf de vragenlijst door te nemen; in de pdf-versie zijn de wijzigingen gemarkeerd. Verzamel daarnaast tijdig alle benodigde gegevens. RVO raadt aan eerst de percelen aan te passen en vervolgens de rest van de opgave in te vullen.
Al met al betekent de GO 2026 geen fundamentele koerswijziging, maar wel wat meer vragen. Vooral door het Europese IFS-jaar moeten ondernemers rekening houden met extra vragen over hun bedrijf en bedrijfsvoering.
Vier voorlichtingsavonden Gecombineerde Opgave
De Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) organiseert in maart 2026 vier voorlichtingsavonden voor boeren over de Gecombineerde Opgave. De bijeenkomsten vinden plaats op 9 maart in Limburg, 12 maart in Utrecht, 18 maart in Overijssel en 19 maart in Friesland.
Tijdens de avonden licht RVO de veranderingen en verbeteringen toe en krijgen deelnemers praktische tips voor het invullen van de opgave. Ook zijn inhoudsdeskundigen aanwezig voor vragen over onder meer mest, Mijn percelen en het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB). Inloop is vanaf 19.30 uur.
De bijeenkomsten zijn kosteloos, meldt RVO, maar aanmelden is verplicht. Aanmelden kan via www.rvo.nl/gecombineerde-opgave.

