
Pluimveehouder Jürgen Terhorst over werken met data
“We verzamelen niet alleen data, we werken ermee om rust en kwaliteit te realiseren”

Volgens Terhorst wordt werken met data steeds belangrijker in de pluimveesector. Als pluimveehouder kun je de bedrijfsvoering gericht bijsturen en je verdienmodel optimaliseren. Door structureel inzicht in technische en financiële gegevens creëer je kansen én rust. Vooral dat laatste is een groot voordeel voor een drukke ondernemer, laat hij weten.
Van brandjes blussen naar rust in het bedrijf
Als zoon van een akkerbouwer ligt een carrière in de pluimveesector niet voor de hand. Toch besloot Terhorst in 2009 bewust om die stap te wagen. Op slechts 22-jarige leeftijd stapte hij met een sterk plan naar de bank. Daar geloofde ze in zijn verhaal. “In Duitsland was er door het kooiverbod in die tijd grote vraag naar eieren”.
De Duitse pluimveehouder ging aan de slag en overtrof zijn eigen verwachtingen. De eerste uitbreiding volgde enkele jaren later. “Dit gebeurde in 2016, een vrije uitloopstal met 40.000 leghennen”. Vanaf 2020 volgden nieuwe uitbreidingen. Vanzelfsprekend ontstonden er vanaf dat moment allerlei uitdagingen. “Mijn grootste zorg was de aanwezigheid van voldoende voer. Dit losten we in eerste instantie op door het silobeheer bij Agrifirm te leggen en later door het installeren silometers, waardoor ik inzicht heb via een app”.
Cijfers en inzichten essentieel met meerdere locaties
Jürgen Terhorst had de ambitie om naar nieuwe locaties uit te breiden. “Om dit succesvol te laten verlopen, moest ik meer inzicht hebben in mijn cijfers”. Daarom besloot hij, eerst op zijn locatie in Walchum, alles aan te pakken. “We hebben bij elke stal klimaatcomputers die verbonden zijn aan onze eigen pc’s. We gebruiken vervolgens Optifarm om alle gegevens te analyseren, zodat we inzicht hebben in klimaat, voer en gedrag van de dieren”.
Volgens de Duitse pluimveehouder helpt werken op basis van cijfers en inzichten de sector vooruit. Hoewel je eigen waarnemingen niet helemaal aan de kant moet schuiven, helpt het onder meer kwaliteit te verbeteren en zekerheden in te bouwen. Dit gaf Jürgen Terhorst het vertrouwen om nieuwe locaties te openen. “De laatste jaren kwamen er veel nieuwe locaties bij, in 2020, 2021, 2023 en 2025. Eerlijk gezegd maakte ik mij zorgen over de grote afstanden tussen de locaties. Sommige liggen honderden kilometers uit elkaar”. Precies om deze reden zijn Hühnerhof Terhorst en Agrifirm gaan kijken hoe het gebruik van data ingezet kan worden om deze zorgen weg te nemen.
“In samenwerking met Agrifirm en een externe data-analist hebben wij de laatste jaren datagedreven werken ontwikkeld. We krijgen iedere dag om 14:00 een compleet overzicht met alle cijfers”. Iedereen binnen Hühnerhof Terhorst weet dan wat er speelt. “Dit helpt ons grote problemen te voorkomen, dat geeft rust”. Agrifirm zet de gegevens af tegen gemiddeldes, zo ziet iedereen of er iets aan de hand is. “En zelfs als je in Honolulu op het strand zit, weet je binnen 30 seconden wat er speelt”, zegt Terhorst lachend.
Concrete doelen stellen op basis van data
Werken met data kan ook ingezet worden om de bedrijfsvoering te verbeteren. Zo heeft Hühnerhof Terhorst een externe specialist ingeschakeld om de puntjes op de i te zetten. “Van deze specialist krijgen wij wekelijkse rapportages per locatie. Dit gebeurt tot in detail, zelfs financieel. Zo worden ook ei-afrekeningen, de aankoop van opfokhennen, voerrekeningen en andere gegevens in de analyses verwerkt”.
Terhorst ziet dat sectoren als finance en retail wat werken met data betreft al volwassen zijn. “Hoewel de pluimveesector nog niet zo ver is, zien we goede ontwikkelingen”. Hij vindt dat er op zijn bedrijven nog winst te behalen valt en stelt sinds kort concrete doelen. “We houden het percentage ei-breuk nauwkeurig bij en willen bijvoorbeeld toewerken naar een lager percentage over een bepaalde periode”.
Betere eierkwaliteit en diergezondheid
Werken met data biedt ook kansen voor eierkwaliteit en diergezondheid, zo heeft ook de Duitse pluimveehouder ondervonden. “Wij krijgen kwaliteitsrapporten van onze afnemers over breuksterkte, dooierkleur en schaal en daar zitten vaak nog kansen in, want we werken natuurlijk niet perfect”.
Deze data kunnen vervolgens ook eerder in de keten gebruikt worden. “Ook onze voeradviseur krijgt dit overzicht, want als de breuksterkte niet goed is, kan hij een aanpassing doen in het voer. Vaak heeft hij het al gedaan, voordat ik het zelf zie”.
“We weten precies wat voor dieren we krijgen”
Als legpluimveehouder heb je niet altijd zicht op wat er met de dieren gebeurt voordat ze op je bedrijf komen. Toch zijn er applicaties die je ook deze gegevens laten zien. Terhorst gebruikt deze ook: “We kopen de opfokhennen met 17 weken, maar wat er tussen de 0 en 16 weken gebeurt, weten we eigenlijk niet. Daarom krijgen we met deze applicatie nu ook de gegevens over voertijden, gewichten, ziekten en andere zaken. Dus we beginnen eigenlijk al vanaf week 0 en weten precies wat voor dieren we krijgen”.
Voor Jürgen Terhorst is datagedreven werken geen doel op zich, maar een manier om alles beheersbaar te maken. De afgelopen jaren heeft hij flinke stappen gezet, maar vindt het proces nog niet afgerond. “We kunnen onze bedrijfsvoering altijd verbeteren, zodat we nóg beter scoren op diergezondheid, schaalkwaliteit en andere zaken”.


